27 november

2 jaar geleden maakte ik een reis. Dat was mijn eerste kennismaking met armoede. Toen schreef ik een verslag. Dat kan je hier vinden. 

23 november

Armoede van de ziel

Er zijn ontmoetingen die me zijn bijgebleven. Natasja van 9 die dokter wil worden, maar wie zal haar opleiding betalen? Sheila van 15 die 11 lijkt. Septi die als student verpleegkundige de wens heeft haar eigen ervaringen van armoede en minderwaardigheid in te kunnen zetten voor anderen. Ze reizen vanaf nu met me mee. Ik ben terug uit Indonesië en ik probeer niet alleen mijn jetlag te verwerken, maar ook tracht ik de indrukken een plek te geven. Dit houdt me het meest bezig: hoe diep armoede ingrijpt in het bestaan. Het gaat niet alleen om een gebrek aan geld om gevarieerd voedsel te kopen. Niet alleen een gebrek aan opleidingsmogelijkheden speelt een rol. Het gaat om het zelfbeeld van mensen. Dat ze het gevoel hebben dat ze niet meetellen en er niet toe doen. Het meest confronterend zijn de ogen die zeggen dat niemand naar hen omziet en dat regeringen, instanties en mensen met geld hen niet zien staan. Ja armoede zit diep. Het zit niet alleen in een portemonnee, maar ook in hoofd, hart en ziel van mensen.

Mooi is het als mensen de armoede kunnen ontsnappen. Ik sprak ze de afgelopen weken. Altijd hebben ze een verhaal dat dezelfde elementen bezat. Er waren mensen die interesse in hen hadden. Die geloofden in de mogelijkheden die het arme kind had. Volwassenen die met liefde en aandacht het kind bevestigden in hun leven. Armoede van het hart kan bestreden worden door mensen met medelijden. Vervolgens waren er mogelijkheden om te gaan leren en ze bleken het veel beter te kunnen dan ze dachten. Armoede van het verstand kan bestreden worden door goed onderwijs. Leve het werk van Compassion, dat goede en gedegen mogelijkheden biedt. Nog belangrijker dan deze menselijke mogelijkheden is het werk van de Geest van God. Als die gaat waaien in het leven van mensen, dan is een gebrek aan geld geen reden om jezelf minderwaardig te voelen. Armoede van de ziel kan alleen bestreden worden door God zelf. Wie ziet hoe Jezus voor hem is gekomen, voelt zich de prins (of prinses) te rijk.

Precies datzelfde geloof laat me nagenieten van de enorme wederkerigheid in de contacten de afgelopen week. Wij, als mensen uit Nederland en zij, mensen uit Indonesië, we hadden zoveel gemeenschappelijk, omdat we geloven in dezelfde Jezus Christus. Die verbondenheid blijft me het meest bij. Daarom ben ik gezegend teruggekomen. Niet omdat ik me meer realiseer hoe rijk ik ben. Dat is niet alleen een zegen, dat is net zo goed reden om me te schamen. Ik voel me verbonden met de voorgangers daar omdat ik geleerd heb van hen ze metterdaad de liefde van Jezus Christus vorm geven. Ik voel me verrijkt door de inzet van al die projectmedewerkers. Wat een kracht en een liefde. Ik voel me gezegend door dezelfde God die daar en hier werkt aan zijn koninkrijk.

19 november

Je bent Gods geliefde kind      

Meestal kan ik de leeftijd van tieners goed inschatten, met twaalf jaar ervaring op de middelbare school. Maar deze keer zit ik er toch echt naast. Ze blijkt vijftien te zijn, terwijl ik haar elf had gegeven. En dat deed ik niet alleen op basis van haar lengte, maar ook op grond van haar gedrag. Maar het is allemaal anders dan in Nederland. Als ze te weinig gezond en evenwichtig eten krijgen, dan verloopt de ontwikkeling en groei minder voorspoedig. En als ik om mij heen kijk in de groep van bijna dertig tieners, dan geldt het voor meer mensen dan alleen voor het meisje waar ik naast beland ben, dat ze achterlopen.

Sheila heet ze en we zitten samen bij een onderdeel van de sociaal emotionele ontwikkeling. Compassion geeft in Indonesie een aanvulling op het gewone onderwijsprogramma, waarbij de ontwikkeling van alle mogelijkheden van het kind voorop staat. Zij moet gaan hopen en dromen van een leven zonder armoede. Dat moet vooral veranderen in haar hoofd, want het gaat om zoveel meer dan alleen gebrek aan goed eten en geld om een goede opleiding te doen. Het gaat misschien wel vooral om de manier waarop ze naar zichzelf kijken. Dat is zo negatief: ik kan niks, want ik heb niks. Dat kan alleen door aandacht en liefde veranderen. Ieder mens is voor God belangrijk en Jezus Christus aanvaardt iedereen. Daarom deze les over zelfbeeld. Ik kan me goed voorstellen dat het nodig is. Want alleen van de rit naar dit project word ik al somber. Overal ligt vuilnis. Het water waar we langsrijden ligt vol viezigheid. Als we uitstappen word ik bedwelmd door de geur. Ik deins achteruit en wil het liefst de auto in. Maar dat kan niet. Ook deze armoede zal ik onder ogen zien. 

Energie krijg ik van het team van het project. De goedlachse projectleidster met haar hartveroverende smile geeft me moed. De mentor van de groep van 15 tot 18 jaar heeft zoveel uitstraling, dat iedereen automatisch doet wat ze zegt, zelfs ik. Zo beland ik naast Sheila. We moeten zeggen wat we van elkaar vinden. Ik ken haar niet, maar ben gelijk verkocht door die donkere ogen die me verlegen aankijken. Wat een kracht gaat er van haar uit. Ik zeg dat ze sterk is en dat ze Gods geliefde dochter is. Even trekt er een verdriet door haar ogen. Maar dan vliegt ze snel weg tussen haar vriendinnen. Daarna moeten we een tekening maken van elkaar. Met mijn talent wordt dat geen succes. Ik schrijf er maar bij dat ze een prinses (puteri is het goede woord, hoor ik van de tolk) van God is. Zorgvuldig stopt ze haar tekening weg.

Daarna komt een groepsmoment. Alle jongens en meisjes in een grote kring. Daarbij roepen we om de beurt dat we prinsen zijn of prinsessen. Wat een positieve energie komt er zo naar boven. Wat krijgen ze een tijd om positief over zichzelf te leren denken. Deze kring verandert langzaam in een dansende, rondlopende kring. Wij doen mee. De gracieuze Javaanse tieners en daartussen de lompe Nederlandse boeren. Een van ons stapt naar voren en doet het lied hoofd, schouders, knieën teen. Dat is een groot succes, want er blijkt ook een Indonesische variant van te zijn. Daarna nemen we afscheid. Ik zwaai nog even naar Sheila, Gods geliefde kind.

17 november                                                                                                    

Kerkdienst
Gisteren waren we hier ook al. Een lange tocht door de rijstvelden. Overal om je heen de beelden zoals je Indonesië voorstelt: mensen werken op het land, waarbij ze met hun voeten in het water staan. Vandaag is het zondag en gaan we naar een kerk die hoort bij een project van Compassion. Elk project is gekoppeld aan een lokale kerk. Die voeren het werk uit en staan garant voor de integriteit en stabiliteit. Gisteren werden we met bloemenslingers verwelkomd. Vier meisjes dansten voor ons vol overgave. Een andere wereld, waar je als toerist niet zo snel komt. De gamelan speelde speciaal voor ons. Natuurlijk heb ik mijzelf uitgenodigd om ook even op dat ding te mogen rammen. En samen met de andere mannen maak ik een prachtig muziekstuk. Aan het vele bijsturen van de man achter mij, ontbreekt het mij aan elk ritmegevoel. Maar dat wist ik al. Gisteren hebben we vooral elkaar feestelijk ontmoet. Wat een heerlijke mensen zijn het. Alleen die weg ernaar toe is een ramp. De auto moet kilometers lang kuilen ontwijken. En overal mensen.

Dat was gisteren. Even verbaasde ik me erover dat een aantal kinderen een mobiele telefoon op zak heeft. Dit zijn toch arme kinderen! Maar dan hoor ik dat het hele dorp geeneens bereik heeft. En ouders willen niet voor arm doorgaan. Dus ze kopen voor hun kind een mobiel. Ook als ze daardoor jarenlang grote schulden hebben. Wat is het toch een wereldwijde strijd tegen materialisme. Maar dat was allemaal gisteren.
Nu gaan we over dezelfde weg naar de kerk. Vanbinnen is het een voor mij herkenbare kerk. We schuiven aan en groeten iedereen. Een prachtig moment trouwens in de dienst: we lopen door elkaar heen en wensen elkaar Gods vrede toe. Dat is mooi om te ervaren. Hoe mensen die elkaar taal totaal niet spreken zich toch verbonden voelen met elkaar. Verder volg ik weinig van de dienst. Ze spreken Javaans en dat spreek ik niet echt. Wat ik wel zie in de ogen van de mensen is de toewijding aan God. Met bezieling zingen ze. Een paar keer worden ze begeleid door de gamelan. Een paar liederen ken ik ook in het Nederlands. Dan kan ik meezingen. Dat vindik ontroerend: dat we elkaar niet begrijpen, maar in geloof een zijn. Wij zingen ook alleen: ‘Samen in de Naam van Jezus.’ Pastor Johannes leidt de dienst in een prachtig Javaans kostuum. Wat een blijmoedige vriendelijke man. Echt iemand in wie de Geest van God zichtbaar werkt. Dat wordt wel duidelijk aan het eind. Hij bidt voor ons en zegent ons. Wat kan hij fijnzinnig aanvoelen wat lastig is voor de kerk in Nederland. Wij vertrekken. Nu definitief. Hij blijft achter met zijn geweldige werk: Gods woord uitdelen en zich inzetten voor de allerarmste kinderen. Wat waren er daar veel van. Pastor Johannes. Ik zegen hem in Jezus’ naam.

16 november

bid en heb lief 

Hij zwaait ons uit als we wegrijden in de bus. Ik voel me gezegend door de ontmoeting met hem. Zulke mensen zouden er in de kerk in het westen ook meer moeten zijn. Voorgangers die direct de nabijheid van God ervaren en tegelijk zachtmoedig zijn gebleven. Iemand die de omgang met God uitstraalt en uitnodigt om mee te doen. Nadat hij ons heeft uitgezwaaid, zal hij wel zijn terugelopen naar zijn kerkje. Het staat temidden van huizen waar moslims wonen. Daar heeft hij zijn kerk gebouwd, samen met zijn vrouw. Hij bad om een vrouw die de zang kan leiden in zijn kerk. Dat kan ze. Als we gezamenlijk zingen, dan gaat ze met gemak over onze stemmen heen.

                                     Ook hij vertelt dat in zijn bekering tot God en zijn bediening, genezing een bijzondere rol speelt. Als je meemaakt hoe God mensen in de naam van Jezus bevrijdt van ziekten, dan kan je niet anders dan hem volgen. En dan moet je de stem van de Geest volgen en op weg gaan. Voor hem betekende het dat hij nu hier woont. Hij verliet zijn comfortzone en bouwde een kerk. Bang is hij geen moment. God is bij hem. Die ene keer dat ze dreigden om zijn kerk in de brand te steken, zei hij dat het dom was om dat te doen: zijn kerk was verzekerd, maar de huizen van de buren die zeker ook zouden verbranden niet. Hij heeft veel vrienden onder de buren, die allemaal moslims zijn. Hij komt bij besnijdenissen, begrafenissen en bruiloften. En elke keer vertegenwoordigt hij Jezus Christus daar. ‘je moet van ze houden, ze omarmen en voor ze bidden en nooit bang zijn.’ Dat is het geheim. ‘Jullie zijn gezegend in Nederland. Want er wonen steeds meer moslims bij jullie. Je hoeft ze dus niet meer aan de andere kant van de wereld op te zoeken. Want ze wonen bij je om de hoek. Maar je moet van ze houden.’ 

Zijn kerk groeit. Misschien nog wel het meeste doordat in en rond zijn gemeente een project van Compassion is. Vrouwen die een kind verwachten dat niet gewenst is, worden opgevangen en begeleid. Ze leren te houden van hun kind en hoe ze er voor moeten zorgen. Meer dan de helft is moslim. ‘Geen verschil maken in aan wie je de liefde van God uitdeelt’, benadrukt hij. Christus is voor iedereen gekomen.
Hij zwaait ons uit. Ik voel me gezegend door de ontmoeting met hem. Zou hij er ook iets aan gehad hebben?

15 november: Ik ben niets waard 

Ze kijkt ons aan met haar grote ogen en zegt uit het diepst van haar hart: 'ik hoop dat mijn kinderen wel hun dromen kunnen waarmaken. Mijn jongste wil graag dokter worden. Ik ben niets waard.' Dat vind ik een heftige opmerking. Die komt binnen. Ik snap het wel. Als je alle dagen zo hard moet werken en dan nog niet genoeg hebt om je kinderen te eten te geven, dan slaat dat naar binnen. Elke dag bakt ze cake en die probeert ze te verkopen door rond te lopen. Maar als je ziet wat het al kost om de ingredienten te kopen, dan zal ze er niet veel van overhouden. Haar man is er niet. Die probeert te werken. Hij heeft geen vast werk. Hij verdient hier en daar wat. Het gemiddelde inkomen per maand gaat grotendeels naar de huur van het huis. Hun zoon van 12 jaar is naar school. Maar toen kwam er nog een kind. Dat schopte de plannen in de war. Het kind was ongewenst. Toen ze 5 maanden zwanger was, werd ze aangesproken op straat. Of het Child Suvival Program van Compassion niet iets voor haar zou zijn. Het was maar 300 meter verderop, in de kerk. Daar kon ze leren hoe ze toch van dit kind kon gaan houden. En ze kreeg te horen hoe ze het beste voor dit kind kon gaan zorgen. Want als niemand je vertelt dat je met een kind moet spelen en wat je ze het beste te eten kan geven, hoe zal je dan weten hoe je voor je kind moet zorgen. Als je zelf niet bent geknuffeld als kind, hoe kan je dan weten hoe belangrijk dat is? Zo kwam ze binnen in deze groep, samen met 40 andere vrouwen. In de kerk, die aan alle kanten omgeven is door moslims. Midden in Jakarta. En ze straalt als ze vertelt dat ze nu heel anders voor dit kind zorgt, dan voor haar andere zoon. Want nu weet ze wat goed is. Wat een respect heb ik voor deze vrouw. Voor de kracht waarmee ze haar leven oppakt. Voor de liefde die ze uitstraalt voor haar zoontje. Wat een schattig jongetje is het. Hij zit op de grond en bladert in de bijbel.

Ze kijkt ons aan met haar grote ogen. Om haar arm heeft ze een armbandje, met daarop in vier symbolen uitgelegd wat geloven betekent. Een hartje, want God houdt van je; een x als symbool voor alles wat mis kan gaan in het leven. Een kruis om aan te geven dat Christus is gestorven en opgestaan. En tot slot een kroon, omdat wij daardoor allemaal koningskinderen zijn. We biddden samen. Het mooiste vind ik dat wij niet alleen voor haar bidden, maar dat zij voor ons bidt. Want voor ons allemaal geldt dat we Christus nodig hebben. Waar je wieg ook heeft gestaan. 



Mijn boek
over de  Geest
van God 

 

Boek over 
rouw
Klik  op de foto. 

      Gastenboek

Uw ervaringen delen?
Vul ons GASTENBOEK in!